Lokaal Bestuur
11 tips om de coalitieonderhandelingen tot een succes te maken

De komende verkiezingen voor de Provinciale Staten en de waterschappen zijn bijzondere verkiezingen. De aandacht gaat niet uit naar de kandidaten op wie we kunnen stemmen, maar naar de landelijke politiek. Net als eerdere edities staat de campagne vooral in het teken van de samenstelling van de Eerste Kamer.


Gezien de oorlog in Oekraïne, de klimaatcrisis, de woningnood, het vernietigende rapport over de aardbevingen in Groningen lijkt daar misschien wel wat voor te zeggen, maar dat is het allerminst. Al was het maar, omdat veel van die problemen in de provincie en de waterschappen, soms samen met de gemeente, aangepakt zullen moeten worden. De stikstofcrisis natuurlijk, maar ook de vragen waar we woningen bouwen en hoe we onze dorpen bereikbaar houden staan op het spel.

Het gaat ergens om. Slaan we nog verder af naar rechts? Of komt de linkse wolk tot volle wasdom? Hoe de uitslag zal zijn, weten we nog niet, maar de kans dat de BBB een stempel zal drukken en er een einde lijkt te komen aan de spilpositie van het CDA in het middenbestuur is groot. De grote vraag is hoe dit de onderhandelingen gaat beïnvloeden. Inhoudelijk komt er een partij in de Staten die niet gelooft in de stikstofcrisis en denkt dat drie maatregelen voldoende zijn om alles onder controle te brengen. En hoe deze (en andere) nieuwkomers zich gaan opstellen tijdens de onderhandelingen, weet al helemaal niemand.

Dan de waterschappen. Ook daar staat er steeds meer op het spel. Met de al merkbare klimaatverandering is de bestuurslaag politieker dan ooit. Houden we het waterpeil kunstmatig laag, zodat boeren met hun landbouwmachines door de weilanden kunnen blijven rijden? Of kiezen we voor minder uitstoot en droogte door het waterpeil te verhogen? Hoe houden we onze voeten droog? En wat doen we in deze tijden van inflatie en energiearmoede op het gebied van kwijtscheldingen?

Al begonnen voordat de stemmen geteld zijn

Natuurlijk begint het echte onderhandelen pas als alle stemmen geteld zijn en duidelijk is hoe iedereen ervoor staat, maar de voorbereiding begint voor de verkiezingen. Nu dus. Je weet immers al voor een belangrijk deel hoe de verhoudingen liggen, wie wie op het persoonlijke vlak aardig vindt, wie met wie wil en over welke standpunten hard onderhandeld moet worden. Om je zo goed mogelijk te helpen, geven we je daarom nu alvast wat tips voor de fase na de verkiezingen: de onderhandelingen over een nieuwe coalitie. Meer weten? Lees dan de reader op het besloten gedeelte van onze website.


Tips


1. Ken het speelveld

Wat je nu al weet is welke partijen mee doen aan de verkiezingen. Wie zitten er al in de Staten of de verenigde vergadering? Welke nieuwkomers zijn er en waar staan zij voor? En uit hoeveel partijen kan er gekozen worden? Wat is je eigen positie?

Ook in de provincies (en in mindere mate in de waterschappen) is de versplintering toegenomen. Er zijn steeds meer partijen actief. Zeker de laatste periode zijn de Staten door tussentijdse afsplitsingen vaak met meer partijen geëindigd dan ze begonnen zijn. FvD was de grote winnaar in 2019 en kende de meeste afsplitsingen. Een deel van deze splitsingen gaat bijvoorbeeld onder de noemer van JA21 of BVNL meedoen en wil net als de BBB de Staten in.

Feit is dat de versplintering een factor van belang zal zijn bij de komende onderhandelingen. Afhankelijk van de uitslag kan vervlakking (het verschil tussen de partijen) een tweede factor van belang zijn. Als er veel partijen nodig zijn om een coalitie te vormen, dan zijn de partijen onderling vaak inwisselbaar. Ook dit is van invloed op je onderhandelingspositie.

De PvdA zelf heeft in de afgelopen periode aan alle colleges van Gedeputeerde Staten deelgenomen. Dat heeft te maken met onze bestuurskracht. Wij worden gezien als een partij die goede bestuurders levert. In de onderhandelingen kan dit een voordeel opleveren. Tegelijkertijd moet je er op bedacht zijn dat andere partijen dit niet als ‘te’ ervaren en vinden, dat je kleeft aan het pluche.

Los van de uitslag is het speelveld in de waterschappen door een wetswijziging fundamenteel veranderd. De geborgde zetels landbouw en natuur bestaan na de verkiezingen weliswaar nog steeds, maar die van bedrijven zijn afgeschaft. Misschien nog wel belangrijk is dat de geborgde zetels niet meer automatisch zijn vertegenwoordigd in het dagelijks bestuur en dus een belangrijke machtsmiddel hebben verloren. Hoe dat gaat uitpakken moet nog blijken, maar dat het – net als het feit dat het waterschap een monistisch stelsel kent – van invloed is op je onderhandelingspositie, lijkt zeker.


2. Investeer in goede persoonlijke verhoudingen

Politiek is vooral mensenwerk. Bij het vormen van coalities spelen krachtsverhoudingen een belangrijke rol, maar de menselijke factor is minstens even, zo niet belangrijker. Als mensen niet goed met elkaar overweg kunnen, ligt het zoeken van samenwerking niet voor de hand. Toch kan het vanwege een ingewikkelde uitslag wel noodzakelijk zijn om te gaan samenwerken.

Het is daarom belangrijk om al vroegtijdig in de persoonlijke verhoudingen te investeren. Stel je vooraf de vraag of de verhoudingen met de hoofdrolspelers van andere partijen op orde zijn, ken ook de nieuwkomers. Voer het debat inhoudelijk, maar weet dat het weinig productief is voor de onderhandelingen om de lijsttrekker van de andere partij in de krant weg te zetten als leugenaar. En vergeet daarbij niet om ook te kijken naar de persoonlijke verhoudingen van de andere fractieleden. Kunnen zij goed overweg met Statenleden en waterschappers van andere partijen?


3. Weet wat je wilt

Formuleer de inhoudelijke kern van je programma kort en bondig in enkele heldere punten. Belangrijk voordeel: je zorgt er op deze manier voor dat onze partij een duidelijke agenda en een helder profiel heeft. Zoek daarbij wel naar een evenwicht tussen niet-onderhandelbare strijdpunten én het idee dat de PvdA alles slikt om maar mee te kunnen besturen.


4. Weet wat andere partijen willen

Analyseer de programma’s van andere partijen zorgvuldig en ken de kern. Weet wat voor hen van belang is, bedenk hoe je daar tegenover staat en stel vast welke compromissen mogelijk zijn. Op deze manier heb je het inhoudelijke speelveld van de onderhandelingen al min of meer in kaart gebracht. Afspraken met GroenLinks kunnen ook een rol spelen.


5. Gebruik kerndossiers

In onderhandelingen spelen zeer uiteenlopende zaken een rol. Het gaat over de woningbouw, de klimaatopgave, het economisch klimaat, het openbaar vervoer, de leefbaarheid op het platteland, de voorzieningen in de dorpen, het waterpeil op de akkers, de kwijtschelding van de waterschapsbelasting en nog veel meer. Zorg daarom voor goede overzichten: wat heeft er de afgelopen vier jaar gespeeld? En wat gaat er de komende vier jaar spelen? Ken ook de financiële gevolgen. Als er de afgelopen vier jaar besluiten zijn genomen, die de begroting op slot hebben gezet, is dat belangrijke informatie voor de onderhandelingen.

Door je eigen dossiers op orde te hebben, ben je niet overgeleverd aan de ambtelijke organisatie. Die – het is nooit helemaal uit te sluiten – soms een eigen agenda heeft.


6. Maak een reële inschatting van je eigen positie

De mate waarin je scherp kunt onderhandelen, wordt voor een groot deel ook bepaald door de kans op een alternatieve coalitie en de vraag of andere partijen je er graag bij willen hebben. Formeren om een meerderheidscollege samen te stellen is gebruikelijk, maar realiseer je dat alternatieven niet uitgesloten zijn. Ook het gebruik dat de grootste partij in de formatie de regie heeft én houdt, is niet altijd zo. Machtsgrepen van de andere fracties liggen in een versplinterd politiek landschap steeds meer voor de hand.


7. Bepaal met wie je wilt

Op een enkele uitzondering na zullen we na de verkiezingen niet de grootste partij zijn. Daardoor hebben we zelden het initiatief bij de onderhandelingen. Dat betekent dat je nu alvast moet investeren in de relaties met de andere partijen. Bepaal ook vooraf hoe je de samenwerking met GroenLinks ziet. Houd je elkaar wel of niet vast? Treed je op als een blok of apart? Voor de waterschappen is het nog ingewikkelder met Water Natuurlijk, waar vaak meerdere partijen – die niet altijd onze vrienden zijn – in zijn vertegenwoordigd.


8. Kies voor een zo open mogelijke procedure

Ook als je niet de grootste partij bent, kun je je sterk maken voor een zo open mogelijk proces. Dring aan op een openbare vergadering, waarin het begin met de onderhandelingen wordt gemaakt. Sommige provincies of waterschappen werken met een informateur of informateursduo. Deze wordt/worden meestal geleverd door de grootste partij(en). Zij onderzoeken wie met wie wil en wat bespreekbaar is. Zij bepalen dus wie aan de onderhandelingstafel mogen gaan zitten. Daarmee drukken zij een belangrijke stempel op het verdere formatieproces. Het voordeel van een informateursduo is dat er vanaf het begin al twee typen opvattingen vertegenwoordigd zijn.


9. Denk goed na over je onderhandelaar(s)

Het lijkt zo vanzelfsprekend dat de lijsttrekker onderhandelt. Maar is dat wel het geval? Heeft hij of zij tijdens de campagne niet juist het bloed onder de nagels van andere partijen vandaan gehaald? Ligt zijn of haar kracht wel bij onderhandelen? Kan hij of zij niet beter worden ingezet als formateur en laat je het echte onderhandelen over aan de fractievoorzitter? En wat als je lijsttrekker ook kandidaat-gedeputeerde of -bestuurder is? Is het wel wenselijk dat die onderhandelt over de eigen toekomstige baan en portefeuille?

Daarnaast is het belangrijk om naar de samenstelling van het onderhandelingsteam te kijken. De stelregel is dat je de onderhandelingen minimaal met zijn tweeën voert. Wie kies je als tweede onderhandelaar: de financieel specialist of toch de voorzitter van het gewest?


10. Betrek de fractie bij de onderhandelingen

Na de verkiezingen wil de nieuwe fractie er vaak vol tegenaan. Dat is heel mooi, maar realiseer je wel dat nieuwe fractieleden minder weten dan hun ervaren collega’s. Tijdens onderhandelingen gebeurt er in korte tijd zoveel dat het risico op twee verschillende snelheden levensgroot is. Op dat moment liggen frustratie en irritatie op de loer. Probeer dat dus te voorkomen, zodat je fris de komende periode ingaat. Daarbij is het essentieel om van tevoren goede afspraken te maken over hoe je de fractie bij de onderhandelingen betrekt.


11. Voorkom tunnelvisie

Laat buitenstaanders meekijken. Vraag je te veel? Ben je juist te soepel? Wat is de beeldvorming? Gaat het tijdens de onderhandelingen alleen nog over cijfers en afkortingen of gaat het juist over de mensen? Als je heel dicht op de onderhandelingen zit, kun je deze vragen vaak niet goed beantwoorden. Daarom is het goed om betrokken buitenstaanders te benaderen voor feedback. Zorg ervoor dat dit mensen zijn die open en eerlijk tegen je kunnen en willen zijn.


Tot slot

Na een intensieve sessie onderhandelen moeten de eigen fractie, de andere fracties en de pers worden geïnformeerd. Zeker de pers is meer geïnteresseerd in verschillen dan in overeenkomsten. Maak goede afspraken over het communicatietraject. Weet dat alle onderhandelende partijen ook met een goed verhaal naar buiten moeten kunnen komen. Jouw positieve onderhandelingsresultaat moet voor de ander verdedigbaar zijn. Wanneer dat niet zo is, kun je daar lang last van hebben. Gun de ander wat.

En als het niet goed gaat? Sla op het moment dat de PvdA buiten de onderhandelingen valt, de deur niet zo hard dicht dat deze nooit meer open kan. Wellicht verandert de situatie nog gedurende het proces. Ook als dit niet zo is heb je als toekomstig oppositiepartij belang bij goede verhoudingen. Anders sta je niet alleen tijdens het formeren van een nieuw college, maar vier jaar buitenspel.


In onze reader Onderhandelen voor lijsttrekkers en hun medeonderhandelaars vind je deze en nog veel meer tips om van de komende onderhandelingen een succes te maken. Zit je nog met vragen of wil je even sparren? Neem dan contact met ons op via [email protected] of 070-2629720.


De tips over onderhandelingen worden elke verkiezingen geactualiseerd op basis van de politieke ontwikkelingen. De oorsprong ligt in 2010 in een door Alard Beck en Paul Depla geschreven artikel voor het blad Lokaal Bestuur.


Afbeelding: Koen van Weel | ANP