Lokaal Bestuur
Mooiste ambt in het openbaar bestuur: met deze tips word je burgemeester

Van alle politiek bestuurlijke ambten wordt de burgemeester het meest gewaardeerd. Als burgervader of -moeder sta je middenin de samenleving, zorg je ervoor dat de lokale democratie levend blijft en grijp je in bij calamiteiten. Klinkt interessant en veelzijdig, maar is het dat ook? En zo ja, hoe word je het dan?


Een kinderdroom 

Constantijn Jansen op de Haar

Burgemeester van Kapelle


Waarom wilde je burgemeester worden?

‘Dat was echt een kinderdroom. In de loop van de tijd raakt dat een beetje naar de achtergrond, maar toen ik politiek actief werd, begon het toch weer te kriebelen.’

Vertel.

‘Het is toch wel een heel mooi ambt. Als burgervader probeer je dicht bij mensen te staan, je bent de persoon, waarbij mensen kunnen uithuilen, maar je staat ook met ze te juichen als iemand wereldkampioen wordt. En op bestuurlijk vlak heb je invloed: je zit het college van B&W en de raad voor, waarbij je probeert mensen te stimuleren om een goed debat te voeren. Die rol vind ik goed bij mij passen.’

Dus solliciteerde je?

‘Ik zat in mijn tweede periode voor het waterschap en ik twijfelde over een derde. Daarom heb ik een excel-bestand met mijn wensen samengesteld. In welk type gemeente zou ik wel burgemeester willen worden? In ieder geval moet er een treinstation zijn, wat reuring plaatsvinden en het hoeft niet al te groot te zijn. Vervolgens kwam Kapelle langs, een gemeente die aan al die eisen voldoet. Die kans kon ik niet laten liggen.’

Hoe ging dat proces?

‘Ik ben raadslid in Utrecht geweest. Dus vanaf de zijlijn heb ik wel meegekregen hoe zo’n procedure loopt. Ook is er veel informatie op het internet te vinden en voerde ik gesprekken met verschillende – niet alleen PvdA – burgemeesters uit de regio.’

Welke tips kreeg je van die burgemeesters?

‘Die gesprekken gingen met name over wat het ambt in de praktijk inhield en welke vragen je in de procedure zou krijgen. Ik heb ook een dag meegelopen met een burgemeester. Ze adviseerden me daarnaast om in ieder geval ergens mee te lopen in een procedure, zodat ik mee zou maken hoe dat was. Maar ja, toen werd ik het dus meteen in die eerste procedure.’

Wat gebeurde er na het versturen van je brief?

‘Ik kreeg eerst een gesprek met de Commissaris van de Koning. Die bepaalt dan vooral of je burgemeestersmateriaal bent. Daarna volgden twee gespreksrondes met de fractievoorzitters, griffier en gemeentesecretaris. Wat dat betreft is het gewoon een normale sollicitatie. Alleen is de commissie heel groot, met negen à tien personen.’

Wat leerde je in die gesprekken? Heb je tips voor anderen?

‘Ik had geen ervaring met openbare orde en veiligheid, terwijl dat natuurlijk heel belangrijk is voor een burgemeester. Daarom had ik me juist op dat onderwerp heel goed voorbereid. Terecht bleek al snel, want de casus ging over precies dat onderwerp.’

Heb je je voorbereid door je in te lezen?

‘Zeker. Er zijn boeken over, lees die. Wat ik ook een hele goeie vond, was de podcast van de burgemeester van Vijfheerenlanden, Sjors Fröhlich. Daar komt álles voorbij, waar je in de eerste honderd dagen tegenaan loopt.’

Je bent nu een tijdje burgemeester. Wat heeft je verrast?

‘Veel mensen zeiden: “Oei, zou je nu wel burgemeester willen worden in dat stugge Zeeland?” Maar Zeeuwen bleken juist heel open, ik voel me overal erg welkom.’

Zijn er ook mindere kanten?

‘De discussie over opvang van asielzoekers is taai. Dat zijn ingewikkelde processen. Hoe je al die belangen bij elkaar brengt en tot een goed besluit komt is echt lastig. Maar verder heb ik gewoon een hele fijne gemeente getroffen. Ik mag niet klagen.’

Nog een laatste tip?  

‘Ja, voor als je dan burgemeester bent: helemaal in het begin zette ik een advertentie in de krant, waarin ik inwoners vroeg me dingen te laten zien, die ze leuk of mooi vonden. Daar heb ik ontzettend veel reacties op gehad. Ik heb tot mijn knieën in de modder gestaan bij boeren en heb boven bij mensen thuis uit het raam staan kijken, omdat het uitzicht zo mooi was. Geweldig. Dus laat je uitnodigen!’


Je moet wel echt bij een gemeente passen 

Joyce Langenacker

Burgemeester van Ouder-Amstel


Waarom wilde je burgemeester worden?

‘Volgens mijn familie is het een langgekoesterde kinderwens. Toen ik later raadslid en wethouder werd, dacht ik: de inhoud is ontzettend interessant, maar het lijkt me óók leuk om procesbegeleiding en teambuilding te doen. Het is politiek én bestuurlijk én boven de partijen. Dat hele pakket was iets wat ik ambieerde.’

In 2017 stelde je je kandidaat. Wat was de gouden tip die je door het sollicatieproces heen loodste?

‘In mijn ogen solliciteer je niet alleen maar naar een functie: er komt ontzettend veel meer bij kijken. Een vertrouwenscommissie prikt zo door je heen als je niet geloofwaardig bent.’

Hoe bedoel je?

‘Het werkt niet als je tien brieven stuurt zonder dat je echt goede redenen kunt geven waarom je nu specifiek voor die gemeente iets wilt doen. Geef dus heel goed aan waarom jij nu zo goed aansluit bij de eisen en wensen uit de profielomschrijving. Vertel ze waar je vandaan komt en wat je stijl is. Uiteindelijk kies je toch voor elkaar, omdat je denkt dat je bij elkaar past.’

Wat raad je kandidaat-burgemeesters aan om vooral niet of juist wel te doen in hun sollicitatieprocedure?

‘Ga kijken in de gemeente en spreek met bewoners. Maar er zijn ook dingen die ik zou afraden. Ik kom zelf uit een grote gemeente, Haarlem, en dan moet je opletten op je taalgebruik als je naar een kleinere gemeente gaat. Het is bijvoorbeeld geen stadhuis, maar gemeentehuis. Kijk dus vooral niet teveel vanuit het perspectief wat je gewend bent. Projecteer dat niet.’

Heb je je daar zelf ook schuldig aan gemaakt?

‘Ik zat er zelf ook wel eens naast in het begin. Duivendrecht is bijvoorbeeld een dorp, maar ik noemde het een stedelijk gebied. Als je dat dan benadrukt, komt dat niet goed over. Taal doet er toe! Het zijn die kleine dingen die het verschil maken.’

Is het burgemeesterschap wat je er van verwacht had?

‘Goeie vraag. Ja en nee, denk ik. Als je zoals ik wethouder bent geweest, weet je natuurlijk wel een beetje hoe het werkt. Maar het piket bijvoorbeeld is eigenlijk altijd, zelfs als je het aan een ander overdraagt. Als er immers echt een grote crisis of ramp is, dan word je geacht binnen twee à drie uur toch wel aanwezig te zijn. Daardoor moet je bijvoorbeeld alcoholgebruik altijd beperken. Niet dat dat zo belangrijk was voor mij, maar het legt dus wel druk op je privéleven: je moet je altijd gedragen.’

Heeft het ook nog andere gevolgen voor je privéleven?

‘Ik zit in het netwerk weerbaar bestuur, waarin we spreken over bedreigingen en intimidaties. Daar hoor ik dat veel collega’s daar steeds vaker mee te maken hebben. Dat heeft impact op je privéleven. Ik heb zelf ook enkele bedreigende situaties meegemaakt. Als je dan nog kinderen thuis hebt wonen, zijn dat wel zware momenten.

Een heel ander punt is dat je moet verhuizen naar de gemeente. Mijn jongste dochter was veertien, dus onze verhuizing was voor haar ingrijpend. En daarmee ook op mij.’

Aardig wat negatieve kanten dus, maar geven de positieve aspecten wel de doorslag?

‘Zeker! Wat ik ontzettend interessant vind, is dat je zo vaak moet schakelen in het ambt. Je bent niet alleen met de inhoud bezig, maar ook met het bij elkaar houden van het team, in de raad allerlei rollen vervullen en overleggen met ambtenaren. Het is heel divers.

Het blijft heel bijzonder dat je als burgemeester het verschil kunt maken. Wanneer je mensen positief raakt, is dat een van de mooiste dingen die je kunt bedenken.’

Wat is het meest bijzondere dat je hebt meegemaakt?

‘Het heftigste was enkele maanden geleden, toen de voorzitter van het Oranjecomité plotseling overleed. Ik ben toen bij de familie thuis geweest en sprak ook in de kerk. Dat soort momenten vergeet je niet snel.’


Aangeboden als buurman voor een dag 

Maarten Poorter

Burgemeester van Dijk en Waard


Je bent nu bijna een jaar burgemeester, al een beetje gewend?

‘Ik durf bijna ja te zeggen, maar zo’n eerste jaar is wel een hele ontdekkingstocht.’

Waar moest je aan wennen?

‘Ik was stadsdeelvoorzitter in Amsterdam-Oost, dus het werk an sich is vergelijkbaar. Maar als burgemeester wil je dicht bij de bevolking staan en dan voelt het heel raar dat jij nog helemaal niemand kent, terwijl iedereen jouw hoofd al in de krant heeft gezien. Daarom heb ik veel tijd geïnvesteerd om mensen te leren kennen.’

Hoe heb je dat gedaan?

‘Onder meer door met aan te bieden als buurman voor een dag. Met een kopje koffie in de woonkamer of door te helpen in de tuin, heb ik de wijken en dorpen echt beter leren kennen.’

Wat is het belangrijkste dat je over Dijk en Waard hebt geleerd?

‘Dat er veel meer raakvlakken zijn met Amsterdam dan ik van tevoren dacht. Er bleken best veel gemigreerde Amsterdammers te wonen. Verder is het een hele vriendelijke en open gemeente.’

Je bent ook nog eens de eerste burgemeester.

‘Ja, het is een fusiegemeente. Hoe je die fusie een stap verder brengt, is natuurlijk heel interessant. Formeel is alles geregeld, maar op sociaal en economisch niveau moet alles nog in de steigers worden gezet.’

Je was pas 43 toen je burgemeester werd. Vond je dat zelf jong?

‘Ik vond het logisch qua levensfase, omdat de kinderen nu naar de middelbare school gaan. Ook had ik acht jaar in de raad gezeten in Amsterdam en vier jaar in het stadsdeel, dus ik was echt wel toe aan een nieuwe stap. Tot mijn verbazing lukte het een van de eerste keren meteen.’

Wat gaf de doorslag? Deed je iets anders dan in eerdere sollicitaties?

‘De eerste keer had ik een brief gestuurd, maar daar bleef het bij. Achteraf hoorde ik dat je ook in gesprek kon gaan met de kabinetschef, om je interesse kenbaar te maken. De tweede keer kreeg ik wel een gesprek met de Commissaris van de Koning en de derde keer werd ik het.’

Heb je nog tips voor de brief?  

‘Je brief moet heel erg kloppend zijn. Niet alleen de Commissaris leest ‘m, maar ook alle fracties. Als je een brief schrijft moet je dus goed nadenken over wat die mensen verwachten. Dé burgemeester bestaat niet. Sommige mensen worden burgemeester, omdat ze bij de politie hebben gezeten en anderen doorlopen de klassieke route van raadslid-wethouder. Je weet niet waar zo’n raad naar op zoek is of open voor staat, maar je kan er wel op anticiperen.’

Welke tips zou je potentiële kandidaten nog meer mee willen geven?

‘Praat er thuis goed over, want het is een besluit met veel impact. Wij hebben vier kinderen, moesten verhuizen en mijn partner heeft ook een carrière. Tegelijkertijd moet je er ook niet door laten weerhouden. Bij ons thuis waren we het er uiteindelijk wel over eens, dat ik het gewoon moest proberen. Dit land heeft burgemeesters nodig en vanuit mijn verantwoordelijkheidsbesef wil ik daaraan bijdragen.’

Zou het ambt aantrekkelijker gemaakt kunnen worden?

‘Misschien wel. Of de verplichting van verhuizen in de wet moet blijven, vraag ik me wel af. Het aantal sollicitanten bij sommige vacatures is laag en zeker het aantal burgemeesters met jonge kinderen is klein. De formele reden voor de plicht om in de eigen gemeente te wonen is dat je bij een groot veiligheidsrisico snel ergens moet kunnen zijn. Maar tegenwoordig kun je met moderne communicatiemiddelen onderweg ook al veel doen.’

Je bent toch ook burgervader?

‘Natuurlijk. Dat je binding met de gemeente moet hebben en er veel tijd moet doorbrengen is evident. Toch zou ik me kunnen voorstellen, dat de wet gemeenteraden meer ruimte geeft om hier zelf afwegingen in te maken.’


Droom je net als Constantijn, Joyce en Maarten ook al jaren van de ambtsketen? Bel of mail ons voor meer tips. 


Bijschrift afbeelding: Ambtsketen van gemeente Dijk en Waard

Afbeelding: Still van youtube