Lokaal Bestuur
Eindelijk weer echt een glimlach op het gezicht

Eerste analyse uitslag van gemeenteraadsverkiezingen

Deze gemeenteraadsverkiezingen waren zonder twijfel één van de meest bizarre verkiezingen van de laatste decennia. De campagne begon middenin een lockdown en eindigde met de oorlog in Oekraïne, die als schaduw over de campagne neerdaalde en voorkwam dat landelijke politieke issues de gemeenteraadsverkiezingen domineerden.


Voor de PvdA is de uitslag positief. Vergeleken met 2018 is er een lichte stijging, waarmee de kater van de Kamerverkiezingen is weggespoeld. Natuurlijk ging alle aandacht uit naar het eclatante succes van Marjolein Moorman in onze hoofdstad, maar in veel meer gemeenten staan we op winst. En ook onze bondgenoten van GroenLinks hebben het relatief goed gedaan. Tegelijkertijd lijkt de opmars van rechts-radicale partijen als de FvD en de PVV te zijn gestopt en ook het CDA en de VVD hebben een flink verlies moeten incasseren. Goed nieuws voor de samenleving dus. 

Er hebben meer (landelijke) partijen dan ooit meegedaan aan deze verkiezingen. Veel daarvan hebben een plek in de raad weten te bemachtigen. De opkomst van de lokale partijen is gestaag doorgegaan en vraagt om een beter antwoord van de landelijke partijen. Maar het meest zorgelijk is het enorme verschil in opkomstcijfers. Overall lag de opkomst lager dan in 2018, maar in de steden Almere, Roosendaal en Rotterdam kwam minder dan 40% van de kiezers opdagen. Terecht sprak burgemeester Aboutaleb van een grote teleurstelling. Hij verwoordde daarmee het grote probleem, dat juist bij deze verkiezing duidelijk naar voren komt: afgehaakt Nederland stemt niet meer.

Het algemene beeld

Gemeenteraadsverkiezingen worden vaak gezien als tweede ordeverkiezingen, waarmee bedoeld wordt dat kiezers vooral op basis van het landelijke beeld hun keuze maken. Gezien de opkomst van de lokale partijen en de lokaal grote verschillen in verkiezingsuitslagen valt er op deze redenatie het nodige af te dwingen. Bijvoorbeeld in Amsterdam werd duidelijk voor het sociaal-democratische geluid van de PvdA gekozen, terwijl het succes van De Mos in Den Haag moeilijk een landelijk verhaal kan worden genoemd.

De PvdA heeft haar kiezersaandeel vergroot van 7,4% naar 7,8% van de stemmen. Ook het aantal PvdA-raadsleden steeg licht: van 555 naar 558. Dat lijkt een minieme stijging, maar is gezien het feit dat we in 2022 in minder gemeenten meededen dan in 2018 positief te noemen. In de gemeenten waar we in 2022 meededen, hadden we namelijk een totaal van 544 zetels in 2018. Het resultaat in 2022 is +14. Bovendien zijn bij dat aantal van 558 de 112 raadsleden van PvdA-GL en de vertegenwoordigers van lokale progressieve samenwerkingspartijen nog niet opgeteld (die analyse volgt later).

Al met al kunnen we spreken van een mooie dag voor linkse progressieve politiek. De optelsom van PvdA en GroenLinks slaat in veel gemeenten hoger uit dan in 2018 en ook partijen als Bij1 en de PvdD zetten in de gemeenten waar ze meededen een goed resultaat neer. De enige partij die niet van deze herwaardering van linkse politiek weet te profiteren is de SP, die zelfs in het thuisfront Oss een gevoelige nederlaag leed en zich daar niet meer de grootste mag noemen.

Zoals gezegd, het algemene beeld van de PvdA is positief. Percentueel is er in 123 gemeenten winst geboekt. Dit resulteert niet altijd in een extra zetel, maar het contrast met de 12 gemeenten, waar in 2018 winst werd behaald, is heel groot.

Percentueel de grootste stijgers

 

 

 

Gemeente

 

Winst (in procentpunten)

 

Percentage PvdA

 

Aantal zetels (zetelwinst)

 

Opkomst

 

1

 

Hoogeveen

 

7,5

 

16%

 

5 (+3)

 

49%

 

2

 

Westervoort

 

7,1

 

15,7%

 

3 (+2)

 

43,3%

 

3

 

Amsterdam

 

6,8

 

17,5%

 

9 (+4)

 

46,5%

 

4

 

Wageningen

 

6,8

 

14,5%

 

4 (+2)

 

60,1%

 

5

 

Goirle

 

6,7

 

13%

 

2 (+1)

 

52%

 

6

 

Sluis

 

6,6

 

16%

 

3 (+1)

 

51,5%

 

7

 

Heiloo

 

5,9

 

17%

 

3 (+1)

 

62%

 

8

 

Losser

 

5,2

 

11,2%

 

2 (+1)

 

54,4%

 

9

 

Súdwest-Fryslân

 

4,7

 

20,1%

 

8 (+2)

 

55,6%

 

10

 

Texel

 

4,5

 

19,5%

 

3 (+1)

 

65,5%

 

 

In Hoogeveen werd percentueel de grootste winst geboekt. Onder leiding van de nieuwe lijsttrekker Stan van Eck was de campagne gericht op het versterken van de gemeenschapszin. De PvdA maakte zich sterk voor de buurt- en dorpshuizen en keerde zich tegen de bezuinigingen hierop. Deze boodschap voor een socialer Hoogeveen werd door de kiezer beloond. De komende vier jaar zullen daarom niet twee, maar vijf PvdA’ers de sociaal-democratische idealen in Hoogeveen hooghouden.

Ook in het Gelderse Westervoort wist de PvdA een mooie uitslag neer te zetten. In tegenstelling tot vier jaar geleden deed daar de SP niet mee. Niet alleen de PvdA profiteerde hiervan, maar ook GL verwierf meer aanhang, terwijl zowel het CDA als de VVD zetels moesten inleveren. De PvdA zal zich onder leiding van Harm Lippinkhof de komende vier jaar in ieder geval inzetten om het gebrek aan transparantie aan te pakken.

Onze hoofdstad komt met stip binnen op drie binnen in de grootste stijgers. Hoewel de winst nog mooier was dan verwacht, komt het succes niet uit de lucht vallen. Als wethouder heeft Marjolein Moorman vier jaar gewerkt aan zichtbaarheid op onderwijs, armoedebestrijding en het eigen PvdA-verhaal. Dankzij een uitstekende campagne wist ze vervolgens de harten van de Amsterdammers (en ook vele anderen) te veroveren. Dat is niet alleen goed nieuws voor Amsterdam, dit straalt positief af op de PvdA in heel het land. Hulde aan Marjolein.

In Wageningen kunnen de slingers eveneens worden opgehangen. Lijsttrekker en wethouder Anne Janssen wist zich met een klassiek sociaal-democratisch verhaal van armoedebestrijding, betaalbaar wonen en een sociale gemeente in de kijker te spelen. Net als in Westervoort ging dit niet ten koste van GL, maar hier moesten D66 en de lokale Stadspartij flink inleveren.

Het is niet makkelijk om in je eentje in de raad het sociaal-democratische geluid te vertolken. Maar dat het niet onmogelijk is om je als eenpitter in de oppositie te profileren, bewees Pernell Criens in het Brabantse Goirle. Het zetelaantal werd verdubbeld, terwijl het CDA de grote verliezer van de avond was.

In het Zeeuws-Vlaamse Sluis zijn we fors gegroeid. Ongetwijfeld heeft dit te maken met het heikele punt van de toeristische verhuur. Lokale partijen dienden vooral hun eigen privébelangen als verhuurders van toeristische accommodaties, terwijl lijsttrekker Robert Evers de belangen van de eigen inwoners voorop zette. Maar liefst 16% van de Sluizenaars stemde rood.

Vlakbij Alkmaar ligt het dorp Heiloo. Tot groot verdriet van de vastgoedbonzen verzette de PvdA zich daar onder leiding van lijsttrekker en medewerker van de WBS Annemarieke Nierop fel tegen de bouw van onbetaalbare nieuwbouw. Een intimidatie- en lastercampagne ten spijt wisten de inwoners van Heiloo deze houding te waarderen en zullen binnen de gemeenteraad 3 in plaats van 2 PvdA’er betaalbare volkshuisvesting verdedigen.

Ook de komende periode wordt in Losser de dienst uitgemaakt door het Burgerforum en het CDA. Samen hebben zij 60% van de stemmen. Maar of ze willen of niet: het rode geluid zal dankzij de geslaagde campagne van Jimme Nordkamp de komende vier jaar luider te horen zijn. De partij streefde met 11,2% van de stemmen de VVD voorbij.

Súdwest-Fryslân staat inmiddels niet alleen meer bekend als de hometown van Kamerlid Habtamu de Hoop. Het is ook de plek, waar lijsttrekker Marijke Roskam met een op de klassieke sociaal-democratische thema’s gerichte campagne de grootste partij (ten koste van het CDA) wist te worden. In haar eigen woorden: ‘Inwoners kiezen voor gelijke kansen voor iedereen, het woord solidariteit krijgt weer kleur.’

De top 10 wordt afgesloten met Texel. Het grootste Waddeneiland maakt met de winst van de PvdA en GL een forse ruk naar links, terwijl de grootste partij Texels Belang flink moest inleveren. Voor de afdeling, die in januari raadslid en boegbeeld Dries Veltkamp verloor, is dit een mooie opsteker.

De grootste in 7 gemeenten

De PvdA is de grootste partij in de gemeenten Leeuwarden, Harlingen, Sùdwest-Fryslân, Oldambt, Amsterdam, Heerenveen en Haarlem. In 6 van deze 7 gemeenten leverde de PvdA een zichtbare wethouder in de colleges. In zeven gemeenten de grootste partij is hetzelfde aantal als in 2018, maar in tegenstelling tot de vorige verkiezingen behoren 3 van 7 gemeenten tot de G44.

In Leeuwarden, Harlingen, Heerenveen en Oldambt was de PvdA al de grootste. Amsterdam en Sùdwest-Fryslân dankzij hun sterke vrouwen. En Haarlem veroverde de PvdA onder leiding van lijsttrekker en wethouder Floor Roduner de nummer 1 positie. Een terechte beloning voor vier jaar lang betaalbaar bouwen. Waar de vorige D66-wethouder het percentage sociale woningbouw tot een absoluut dieptepunt had teruggebracht, heeft Floor er samen met de PvdA-fractie voor gezorgd, dat er in Haarlem weer een hoog percentage sociale huurwoningen wordt gebouwd. Ondanks een afsplitsing kort voor de verkiezingen en negatieve (landelijke) aandacht beloonden de Haarlemmers deze beleidswijzigingen en kunnen we naast een Moorman-effect met recht van een Roduner-effect spreken: maar liefst 16,5% (+ 3 procentpunt) van de Haarlemmers stemde rood.

Het noorden: roder dan de rest

Als je kijkt naar de hoogste percentages komt er een ander rijtje van gemeenten naar voren. De top 10 ziet er dan als volgt uit:

 

 

 

Gemeente

 

Provincie

 

Percentage

 

1

 

Mook en Middelaar

 

Limburg

 

24%

 

2

 

Harlingen

 

Friesland

 

20,9%

 

3

 

Veendam

 

Groningen

 

20,7%

 

4

 

Westerwolde

 

Groningen

 

20,3%

 

5

 

Súdwest-Fryslân

 

Friesland

 

20,1%

 

6

 

Heerenveen

 

Friesland

 

19,7%

 

7

 

Texel

 

Noord-Holland

 

19,5%

 

8

 

Leeuwarden

 

Friesland

 

18,8%

 

9

 

Midden-Drenthe

 

Drenthe

 

18,6%

 

10

 

Alblasserdam

 

Zuid-Holland

 

17,8%

 

 

Op twee gemeenten na, zijn dit noordelijke gemeenten. Het rode noorden kleurt dus nog steeds roder dan de rest van Nederland, al zijn de verschillen met plaatsen als Amsterdam, Heiloo, Haarlem en Eemnes verwaarloosbaar klein.

De verliezers

 

 

 

Gemeente

 

Verlies (in procentpunten)

 

Percentage PvdA

 

Aantal zetels (zetelverlies)

 

Opkomst

 

1

 

Terschelling

 

15

 

17,6%

 

2 (-2)

 

64,7%

 

2

 

Leeuwarden

 

7,3

 

18,8%

 

8 (-3)

 

51%

 

3

 

Harlingen

 

5,3

 

20,9%

 

4 (-1)

 

53,5%

 

4

 

Landgraaf

 

4,9

 

4,8%

 

1 (-1)

 

48,3%

 

5

 

Almere

 

4,4

 

9,6%

 

4 (-3)

 

39,8%

 

6

 

Lopik

 

4,5

 

8,9%

 

1 (-1)

 

56,1%

 

7

 

Tubbergen

 

3,7

 

6,1%

 

1 (-1)

 

64,5%

 

8

 

Hof van Twente

 

3,7

 

11,4%

 

3 (-1)

 

56,3%

 

9

 

Neder-Betuwe

 

3,6

 

13,7%

 

3 (0)

 

62,7%

 

10

 

Assen

 

3,5

 

13,1%

 

3 (-1)

 

51,5%

 

 

Helaas is het niet overal feest. Bij de verliezers is het soms wat lastiger om aan te geven wat precies de reden is geweest. Dat geldt niet voor Terschelling, waar op dinsdag 15 maart de derde kandidaat op de lijst in aanvaring kwam met de politie op het eiland.

Ondanks een percentueel verlies blijft de PvdA in Leeuwarden wel de grootste partij in de Friese hoofdstad. Waarom minder mensen dit keer voor de PvdA kozen valt niet met zekerheid te zeggen, waarschijnlijk speelt mee dat de vorige verkiezingen herindelingen waren en er destijds sprake was van het Lutz-effect. Helaas was er ditmaal geen Hein-effect. Een gedeelte van het aantal stemmen is naar GroenLinks gegaan, die met twee zetels winst een goed resultaat neerzetten.

In Harlingen zien we een vergelijkbaar beeld. Ook hier blijft de PvdA de grootste, maar werd er na een aantal zeer succesvolle verkiezingen een nederlaag geleden. Een wisseling van de wacht en het vertrek van de populaire wethouder Hein Kuiken naar de Friese hoofdstad heeft hier ongetwijfeld een rol bij gespeeld.

In Landgraaf deed de PVV voor de eerste keer mee en won 5 zetels, de PvdA heeft een zetel ingeleverd. Een lijsttrekkerswisseling en het eerdere vertrek van boegbeeld Harry Leunessen uit de gemeente kan een mogelijke verklaring zijn van dit verlies.

De grootste verliezer in Almere is de democratie. Nog geen 40% van de Almeerders heeft gestemd. Voor de PvdA was het ook een teleurstellende dag. Waar de partij het in 2018 verassend goed deed, moeten we nu een pas op de plaats maken en leveren we drie zetels in. Met 4 zetels blijven we in de sterk versplinterde raad nog wel de grootste linkse partij. Naast de intrede van nieuwkomers DENK, BIJ1, FvD en 50PLUS valt de zetel winst van de SP op.

Hét verkiezingsthema in Lopik, een van de kleinere gemeenten in Utrecht, was een mogelijke herindeling. En als we een ding zeker weten is het wel dat (praten over) herindelingen de uitslag bepaalt. Zo ook in Lopik. De tegenstanders van de gemeentelijke herindeling hebben gewonnen, met de nieuwe partij Hart voor Lopik voorop. Met 5 zetels zijn zij de grootste partij geworden. De PvdA moet het met één zetel doen.

Tubbergen bevestigt het idee dat de kiezer niet houdt van intern partij gedoe. In de zomer was er nog een afsplitsing van twee PvdA-raadsleden. De nieuwe partij, die zij mee hebben opgericht is met 3 zetels in de raad gekomen, terwijl de PvdA 1 zetel heeft ingeleverd. De andere nieuwkomer Keerpunt ’22 haalde 4 zetels.

Hoewel de coalitie van CDA en VVD in het Hof van Twente haar meerderheid verliest, profiteert de PvdA hier niet van en moeten ook wij een zetel inleveren. De lokale partijen Gemeentebelangen en In Beweging zijn spekkoper en schieten omhoog.

Als enige linkse partij in Neder-Betuwe verliezen we toch een beetje. Maar doordat we in zetelaantal gelijk blijven, zal dat verlies minder hard aankomen. Dat de SGP meer dan 40% van de stemmen behaalt en samen met een lokale partij de winnaar van de verkiezingen is, is dan wel weer een domper.

Als laatste van de top 10 verliezers moeten we Assen noteren. De PvdA in Assen kende een roerige aanloop naar de verkiezingen met twee afsplitsers, die onder naam Assen Centraal hun eigen nieuwe partij zijn begonnen. Onder aanvoering van de oud-wethouder van de PvdA kwam deze nieuwe partij binnen met 5 zetels. Dat zijn er twee meer dan de PvdA. Verdrietig maar waar.

Bij de verliezende afdelingen spelen vaak verschillende oorzaken een rol. Lokale kwesties, intern gedoe of een enkele keer is deze uitslag meer in de lijn met de landelijke trend dan een eerdere uitslag. Opvallend is, dat twee verliezers toch de grootste partij zijn gebleven en, dat de meeste verliezers toch een groter aandeel stemmers houden dan het landelijk gemiddelde.

De grote steden: wisselend beeld

Hoe zit het nu precies in de G40 en de G4? Van oudsher zijn de steden onze grootste wingebieden, maar sinds 2010 zijn het juist de steden, waar we in verhouding de hardste klappen hebben gekregen. Is de weg naar herstel gevonden?

Kijk je naar de vertaling hiervan in vergelijking met de andere linkse partijen GroenLinks, SP en D66 dan zien we het volgende beeld.

 

 

 

Aantal zetels in 2018

 

Aantal zetels in 2022

 

Verschil in zetelaantal

 

Grootste stijging (in procentpunten)

 

Grootste daling (in procentpunten)

 

PvdA

 

156

 

162

 

+ 6

 

Amsterdam (+6,8)

 

 

 

 

Leeuwarden (-7,3)

 

GroenLinks

 

223

 

233

 

+ 10

 

Tilburg (+8,3)

 

Amsterdam (-5,6)

 

SP

 

123

 

84

 

– 39

 

Deventer (+4)

 

Oss (-7,1)

 

D66

 

195

 

184

 

– 11

 

Den Haag (+3)

 

Leiden (-6,2)

 

 

Dat er echt lokaal is gestemd, bewijzen de uitslagen in de verschillende grote steden. Over het geheel genomen is bij GroenLinks en de PvdA een lichte stijging te zien, terwijl de SP flink moet inleveren. In totaal zijn er 46 minder raadsleden voor deze vier partijen in de G44. Dit kan voor een gedeelte worden verklaard doordat VOLT, BIJ1 en de PvdD het in de steden waar ze meededen goed hebben gedaan.

Groei PvdA in G44

In 14 steden van de G44 is de PvdA gegroeid in zetelaantal.

PvdA gelijk in G44

In zetelaantal is de PvdA gelijk gebleven in 21 van de 44 gemeenten. Dit zijn: Alphen aan de rijn (2), Amersfoort (2), Breda (4), Delft (3), Den Bosch (3), Den Haag (3), Dordrecht (2), Emmen (7), Enschede (4), Gouda (4), Groningen (6), Haarlemmermeer (3), Heerlen (1), Helmond (2), Hilversum (2), Leiden (4), Lelystad (3), Oss (1), Roosendaal (2), Westland (1) en Zwolle (4).

Verlies in G44

Tot slot zijn we in negen steden zetels kwijtgeraakt. Dat gaat om Alkmaar (-1), Almere (-3), Arnhem (-1), Assen (-1), Deventer (-1), Eindhoven (-1), Hoorn (-1), Leeuwarden (-3) en Rotterdam (-1).

Combinatielijsten: 1 en 1 is vaak twee, soms één en soms drie

Na de Tweede Kamerverkiezingen zijn de banden met GroenLinks landelijk, maar zeker ook lokaal aangehaald. Dit jaar deden er 21 nieuwe PvdA-GL-combinaties mee. Daarmee kwam het totaal aantal PvdA-GL-combinaties op 42 gemeenten. In al die gemeenten wisten de combinatielijsten een of meerdere zetels te bemachtigen. In totaal zullen 112 raadsleden (waarvan er 61 PvdA-lid zijn) namens een PvdA-GL combinatiepartij de sociaal-democratische en groene idealen in de gemeente verdedigen. In de progressieve samenwerking (34 gemeenten) zijn van de 121 raadsleden 37 een partijgenoot.

Wanneer je de uitslagen van 2022 voor de nieuwe combinatielijsten tegen de uitslagen van 2018 van PvdA en/of GL afzonderlijk legt, valt op dat het zetelaantal vaak een optelsom van beide partijen is. Positieve uitschieters zijn Middelburg (+2), Goes (+1) en Albrandswaard (+1). In Leiderdorp werd weliswaar een kwart van het aantal stemmen gehaald, maar bleef het totaal op 5 zetels steken, terwijl PvdA en GL in 2018 afzonderlijk van elkaar ieder 3 zetels binnensleepten.

Ook zijn er een aantal gemeenten waar de PvdA in 2018 wel meedeed en GL niet. Hier is het beeld wisselend. In Hattem en Ridderkerk behaalde PvdA-GL in 2022 nagenoeg hetzelfde aantal stemmen als de PvdA in 2018. Terwijl in gemeenten als Meijerijstad (+1), Opmeer (+1), Blaricum (+1), Roerdalen (+1), Sint-Michielsgestel (+1) en Veldhoven (lichte percentuele stijging, wel +1) de combinatielijst PvdA-GL een duidelijk hoger percentage van het aantal stemmen binnensleepte.

In Maasdriel en Zaltbommel gingen PvdA en GroenLinks deze verkiezingen hun eigen weg. Met voor de PvdA wisselend succes: in Zaltbommel werd 6,2% en 1 zetel behaald, en in Maasdriel lukte het de PvdA niet om een zetel te bemachtigen, terwijl GroenLinks er 2 zetels wist te veroveren.

Hoe de resultaten van de combinatielijsten en lokale partijen waaraan de PvdA deelneemt precies zijn, wat de verklaringen zijn voor winst en verlies en hoe samenwerking zich leent voor electoraal succes, komen we in een vervolgartikel op terug. Hierbij zullen we ook relatie leggen met de specifieke omstandigheden in een gemeente zoals het aantal partijen, inwonersaantal en welk deel van Nederland.

PvdA uit de gemeente verdwenen

In 2018 nam het aantal eenmansfracties sterk toe. Zeker in kleine gemeente kan een enkele stem het verschil maken of je wel of niet in de raad vertegenwoordigd wordt. Helaas lukte het de PvdA in Maasdriel, Midden-Delfland, Heeze-Leende en Echt-Susteren niet om voldoende kiezers te overtuigen. Maar dat er altijd licht aan het einde van de tunnel is, bleek in Roermond. Vier jaar geleden waren daar de druiven meer dan zuur, maar dankzij een geslaagde campagne van lijsttrekker Lynn Rulkens lukte het om 6% van de stemmen halen en is de PvdA deze periode weer met twee zetels vertegenwoordigd in de raad.

Wonen het thema, maar geen electoraal profijt

Wonen was voor veel kiezer het belangrijkste thema deze verkiezingen. De woningnood is overal in Nederland voelbaar en er is een schreeuwend tekort aan betaalbare woningen. In veel gemeenten zijn er onder verantwoordelijkheid van de PvdA-wethouder wonen lokale maatregelen getroffen om de gekte op de woningmarkt te beteugelen en beleggers en pandjesbazen het leven zuurder te maken.

Maar helaas is dit niet terug te zien in het verkiezingsresultaat. De PvdA heeft 33 wethouders met wonen in portefeuille. In 13 van deze gemeenten is verlies geleden, 9 zijn gelijk gebleven en in 11 is er winst geboekt. Onze wethouders wonen hebben het in relatie tot de verkiezingsuitslag niet anders gedaan dan het landelijk gemiddelde beeld.

Conclusie

Anders dan voorgaande verkiezingen (m.u.v. de Europese verkiezingen) is het nu niet zoeken naar lichtpuntjes, maar staan alle signalen voorzichtig op groen. Zowel in percentage als in totaal aantal stemmen (ondanks de lagere opkomst) en zetelaantal is een plus te zien. Een enorme overwinning is het nog niet, wel overheerst een positief gevoel. Om met de woorden van Marjolein Moorman af te sluiten: de sociaal-democratie is nog lang niet dood.

 


Deze eerste analyse is geschreven door Jacqueline Kalk, Sofie Kuilman en Jan Erik Keman. De cijfers zijn gehaald van de websites van de NOS, RTL Nieuws en het Nederlands Dagblad. Vanaf volgende week verschijnen er op een aantal thema’s verdiepende analyses. Onder meer de versplintering, man-vrouw verhouding, voorkeurstemmen, progressieve samenwerking en de opkomstcijfers worden verder uitgediept.

Afbeelding: Sander Koning | ANP