Lokaal Bestuur
‘We waren koploper op transitiegebied, nu zit de boel vast’ – Gelderland wil van slot af Foto: Rob Voss, Hollandse Hoogte | ANP
Gelderland zit sinds een jaar op slot, constateert de PvdA-fractie in de Provinciale Staten van Gelderland. ‘Het is enorm complex hier grotere bewegingen op gang te krijgen. Of het gaat om de omgevingsvisie, woningbouw of de transitie op landelijk gebied, er zit geen beweging meer in,’ zegt Statenlid Fokko Spoelstra.

Ze hadden de wind er aardig onder in de grootste provincie van Nederland: Gelderland had forse stappen gezet op het gebied van duurzame energieopwekking, er zou een railterminal – een overslagpunt voor containers op goederentreinen – langs de Betuwelijn in Gelderland komen, een regiodeal met middelen voor de komst van het World Food Center in Ede was beklonken. ‘Gelderland voerde beleid op draagvlak,’ verklaart Spoelstra in de PvdA-fractiekamer in het provinciehuis in Arnhem. ‘De vorige coalitie was een brede en bestond uit GroenLinks, VVD, CDA, PvdA, ChristenUnie met gedoogsteun van de SGP. Door de impact van de BBB die vorig jaar groot werd in Gelderland, ligt alles ineens anders.’

Gevolgen 

De BBB zit met twee gedeputeerden in het zeskoppige college van GS dat verder bestaat uit CDA, VVD, ChristenUnie en SGP. Met alle gevolgen van dien.

Concreet: ‘BBB is voorstander van een kleine kerncentrale in Gelderland,’ zegt Spoelstra. Klein blijkt groter dan gedacht: ‘Zo’n centrale neemt ongeveer twintig voetbalvelden in beslag. Maar voor zonne-energie willen zij geen kostbare landbouwgrond offeren. Terwijl de komst van wind- en zonne-energie al was geregeld in de RES. Die afspraken worden in principe nagekomen, zolang er een tekort is aan duurzaam opgewekte energie. Maar een kleine kerncentrale staat er niet binnen vier jaar, zoals de BBB ons voorspiegelt.’

Spoelstra vervolgt: ‘Het World Food Center waaraan twaalf jaar voorbereiding vooraf is gegaan en waar miljoenen in zijn gestoken, is recent afgeblazen. Dat terwijl de grote risico’s uit het plan waren gehaald en na hard werk van gemeente, provincie en ontwikkelaar eindelijk klaar was voor ontwikkeling. De railterminal langs de Betuweroute die door Gelderland loopt, is na zeventien jaar voorwerk en met 14 tot 20 miljoen euro provinciegeld, eind januari tot stilstand gebracht. Zogezegd omdat er geen uitbater was te vinden, terwijl een consortium klaarstond om de concessie 45 jaar te vervullen.’

Transitie landelijk gebied

Ook op het vlak van de transitie van landelijk gebied liep het volgens Spoelstra tot 2023 goed in Gelderland. Jan Daenen schuift aan als het gesprek op de landelijke transitie komt. Daenen houdt zich sinds maart vorig jaar bezig met dit onderwerp in Gelderland, maar volgde als landbouweconoom het beleid voordien al op de voet.

‘Wij maakten hier een vlucht naar voren,’ zegt Daenen. ‘Nog voordat het onderwerp landelijk zo belangrijk werd en veel media-aandacht kreeg, was de richting die wij in Gelderland uitgingen al helder. Gelderland liep voor.’

Wat had de grootste provincie van Nederland met veel landelijk gebied gedaan om de agrariërs warm te laten lopen voor hun beleid? Eerst was er het brede draagvlak waar Spoelstra het al over had. Links en rechts wilden de stikstof terugdringen. Belangrijk bij het Gelderse beleid was dat niet alle pijlen waren gericht op de landbouw.

‘In Gelderland hebben wij altijd gezegd dat het belangrijk is dat alle sectoren bijdragen aan de stikstofreductie, uit solidariteit.’

‘Als het gaat om de terugdringing van stikstof, gaat op landelijk niveau alle aandacht uit naar landbouw,’ stelt Daenen. ‘In Gelderland hebben wij altijd gezegd dat het belangrijk is dat alle sectoren bijdragen aan de stikstofreductie, uit solidariteit.’

Zo keek de provincie ook naar wat de industrie en bijvoorbeeld de binnenvaart kunnen bijdragen aan stikstofreductie. Met de Rijn en haar aftakkingen varen veel binnenvaartschepen door het mooie Gelderland. En stoten daarbij veel stikstof uit. ‘Met bijvoorbeeld de binnenvaart hebben we gekeken naar elektrisch varen om de Co2-uitstoot te reduceren,’ zegt Spoelstra.

Dankzij het principe van ‘niet alle ballen op de landbouw’ kreeg de provincie Gelderland de steun van liefst zeventig boerenorganisaties voor hun stikstofaanpak, zeggen Spoelstra en Daenen. ‘Dat is veel. Die steun kwam er ook doordat wij de boeren andere opties aanboden dan alleen bedrijfsbeëindiging,’ zegt Daenen. ‘Het Rijk lag al snel op ramkoers met de boeren, omdat die alleen de mogelijkheid van stoppen aanbood.’

Sleutelfunctie

Er bleek wel animo te zijn onder de boeren om te stoppen met hun bedrijf of een bedrijfsonderdeel. ‘In Gelderland is de Veluwe de sleutel voor succes op het gebied van de transitie,’ schetst Spoelstra. ‘Aan de rand van de Veluwe ligt een agrarische enclave met kalvermesters die voor veel uitstoot zorgen. Gedeputeerde Staten hadden hiervoor onder meer een opkoopregeling in het leven geroepen. Een hele grote kalvermester maakte daar gebruik van. Kalveren mesten was onderdeel van zijn bedrijf. Hij hield daarmee op. Dan ben je al een heel deel van je uitstoot kwijt.’

Rond de honderd aanmeldingen voor de opkoopregeling kwamen binnen bij de provincie, zegt Spoelstra. ‘Wij hebben gekeken naar wat het opkopen van een bedrijf bijdraagt aan de stikstofreductie. Daardoor zijn we in gesprek met tientallen aanvragers.’

 

‘Grond opgekocht om schuifruimte te creëren.’

Gelderland richtte zich echter op een breed pakket aan maatregelen. ‘Er zijn boeren die willen stoppen met hun bedrijf, omdat ze op een ongunstige locatie zitten. Bijvoorbeeld dichtbij Natura-2000 gebied. Ze willen wel graag op een andere plek verder. Zo heeft de provincie 200 hectare grond opgekocht van een biologische boer in Doornspijk om schuifruimte aan te bieden. Op die manier help je de uitstoot omlaag te brengen en help je de boeren ook,’ legt Spoelstra uit. ‘Verder hebben wij geen blinde focus op biologisch boeren. Als boeren hun stikstofuitstoot op een andere wijze kunnen verminderen, is het ook goed.’

Menukaart voor boeren

Daenen vat samen: ‘Stel een menukaart samen voor boeren. Boeren die zonder opvolger zitten en willen stoppen, kan je een opkoopregeling aanbieden. Boeren die door willen, maar tegen een natuurgebied aan zitten, kan je helpen bij het ruilen van locatie. En je kunt hen aanbieden biologisch te boeren, of hen innovatieruimte geven.’

Volgens Daenen willen boeren heus meewerken de stikstof te reduceren, ‘maar ze hebben wel perspectief nodig.’

Hij brengt te berde dat het wel noodzakelijk is eerst te investeren – denk aan de schuifruimte –  wil je meer opties aanbieden. ‘Dat betekent dat je als provincie een stapje extra zet. Maar wij vinden het belangrijk de voedselproductie te behouden.’

Spoelstra zegt te betreuren dat Gedeputeerde Staten jonge boeren nu geen perspectief geven. ‘Het college van Gedeputeerde Staten biedt geen oplossingen voor boerenbedrijven om stikstof terug te brengen. BBB zegt alleen dat zij het rijksbeleid niet wil. Het beleid waarover wij het net hadden, bestond tot 2023. Het wordt niet meer uitgevoerd. Zo loopt alles vast.’

Opkoopregeling Rijk

Wie naar de opkoopregeling van het Rijk kijkt, ziet dat ook daarin geen beweging zit. Provincies hebben hun plannen voor de opkoopregeling afgelopen zomer ingeleverd bij het Rijk.

‘Hoe groter de provincie, hoe groter het geschatte bedrag. Gelderland is de grootste provincie met veel agrarische bedrijven. Deze komt alleen al uit op een bedrag van ongeveer 10 miljard euro. Het plan van Overijssel kost ongeveer 5 miljard euro,’ zegt Spoelstra. ‘Dat geld gaat er waarschijnlijk niet komen.’

 

‘Provincies moeten in gesprek met boeren over de opkoopregeling, maar mogen daarover niets delen met de gemeente.’

Daenen en Spoelstra wijzen op nog een moeilijkheid van de opkoopregeling: ‘Provincies moeten in gesprek met boeren over de opkoopregeling, maar mogen daarover niets delen met de gemeente. Pas als er resultaat is geboekt, mag de gemeente op de hoogte worden gebracht. Daardoor kan een gemeente niet anticiperen op een ontwikkeling en op tijd nadenken over de vraag of er wel of geen woningen op de plaats van de boerderij moeten komen bijvoorbeeld.’

Daarnaast zijn de gevolgen voor de leefbaarheid in een kleine gemeenschap bij het wegvallen van een boerenbedrijf niet te verwaarlozen, zeggen de bestuurders. ‘Het is fijn als de brandweer op het platteland in de benen blijft. In landelijk gebied bestaat de brandweer uit vrijwilligers. Veel boeren zitten bij de brandweer. Wat als zij verdwijnen? Of wat als een boer ook een zorgboerderij of kinderopvang heeft. Verdwijnen die ook? De impact op de leefbaarheid moet je meenemen in je plan en je moet er middelen voor beschikbaar stellen.’

De belangrijke en ook noodzakelijke transitie van het landelijk gebied is een kwestie van jaren, stelt Daenen. ‘Maar we moeten er wel mee beginnen.’

Voor Gelderland lijkt dan te gelden: Opnieuw beginnen met stikstofbeleid.


 

Afbeelding:  Rob Voss | ANP