Lokaal Bestuur
Zoeken naar de juiste rol voor de provincie

Het Rijk en de gemeenten zijn volop zichtbaar in de coronacrisis, maar over de provincies hoor je minder. Ligt het werk daar grotendeels stil of wordt er nog volop doorgewerkt? En spelen de provincies eigenlijk een rol bij de aanpak van de coronacrisis?

Het college moet in beweging komen

portret_kuntzelaers.jpgJasper Kuntzelaers

Fractievoorzitter in Limburg

In hoeverre kan het provinciebestuur nog werken aan het reguliere takenpakket?

‘In principe kan alles gewoon door. Praktisch is er wel van alles veranderd: er wordt niet meer fysiek vergaderd en de behandeling van voorstellen is tijdelijk opgeschort geweest. Gelukkig is de noodwet digitaal vergaderen aangenomen, dus kunnen we meer gaan doen.’

Welke rol speelt de provincie in het crisismanagement rond corona?

‘Geen. De Commissaris van de Koning is wel betrokken bij de veiligheidsregio’s, maar dat is meer vanuit zijn rol als Rijksorgaan en niet vanuit zijn rol als lid van Gedeputeerde Staten. We hebben alleen wat boa’s die normaal in het buitengebied controleren die nu ondersteunen, maar de provincie houdt afstand. Vooral het Rijk is aan zet.’

Is het een bewuste keus van het provinciebestuur om niet bij te springen?

‘Ja, dat is absoluut strategie.’

Wat vind je daarvan?

‘Toen het water hier een aantal jaar geleden letterlijk aan de lippen stond, konden gemeenten de kosten bij het Rijk declareren. Maar zodra de provincie ging helpen, zei het Rijk meteen: “Oh, dan mogen jullie ook betalen.” De angst voor een herhaling daarvan is blijven hangen. Op zich begrijp ik dat, maar de provincie doet nu wel héél weinig.’

Hoe bedoel je?

‘Neem nou een grote werkgever als VDL Nedcar. Die hebben we als provincie met vele miljoenen overeind gehouden. Maar toen de coronacrisis uitbrak, hebben ze hun flexwerkers meteen aan de kant gezet. Ik vind dat om drie redenen verwerpelijk: ten eerste, dat een bedrijf zo makkelijk werknemers dumpt, ten tweede dat zo’n bedrijf zo makkelijk aanspraak maakt op overheidsgeld, en ten derde dat je daar als provinciebestuur dan niet tegen optreedt.’

Je zou dus op veel fronten een actievere rol van de provincie willen zien?

‘Zeker, ook op bijvoorbeeld de grensproblematiek. Veel grenswerkers vallen in twee regelingen, waardoor ze wel of juist geen aanspraak kunnen maken op die regelingen. Als provinciebestuur zou je je luidkeels richting Den Haag kunnen laten horen om dit op te lossen, en desnoods zelf in de bres moeten springen om dat te veranderen.’

Kun of mag de provincie ondernemers of culturele instellingen helpen?

‘Ja, subsidiëren mag altijd en we hebben miljarden gekregen voor de verkoop van Essent. We hebben een mkb-leningenfonds. Dus de provincie verstrekt al leningen in goede tijden, dat moet in slechte tijden ook kunnen.’

Gaat de PvdA ook stappen zetten om de provincie actiever te laten acteren?

‘We konden bij gebrek aan debatten alleen schriftelijke vragen stellen. Dat hebben we over VDL Nedcar ook gedaan.’

Wat verwacht je dat er nog gaat gebeuren?

‘Ik hoop dat we door voldoende politieke druk het college toch in beweging kunnen krijgen.’

We hebben geen noodpakket of iets dergelijks

portret_wissink.pngAnnemieke Wissink

Fractievoorzitter in Overijssel

Waar is de provincie in Overijssel mee bezig?

‘We zijn net weer een beetje begonnen, nadat we toch wel redelijk tot stilstand waren gekomen als Provinciale Staten. We hebben nu de eerste digitale bijpraatsessies gehad en volgende week zijn ook de eerste commissievergaderingen weer, eveneens digitaal.’

Heb je er vertrouwen in?

‘Ik vind het wel ingewikkeld hoor. Bij online vergaderen zijn de inspreekmogelijkheden minder, is er minder aandacht van de pers en ga je moeilijker de diepte in. De checks and balances in het democratische proces zijn ingewikkelder. Een digitale sessie leent zich slecht voor een politiek debat. Als de crisis kort duurt, dan redden we het wel. Maar als het langer gaat duren, moeten we goed kijken hoe we onze democratie in gaan richten.’

Hebben jullie een prioriteitenlijst gemaakt of denken jullie alle onderwerpen gewoon te kunnen behandelen?

‘We hebben voor alle onderwerpen, die op de agenda staan gekeken welke urgent zijn. Dus in de agenda’s is al geschoven.

In welke mate houdt de provincie zich bezig met de coronacrisis?

‘Er zijn verkenningen gedaan over de economische gevolgen en hoe we bijvoorbeeld onze partners kunnen helpen. Ook kijken we naar verstrekte subsidies, daar gaan we nu heel coulant mee om. Maar we hebben geen noodpakket of iets dergelijks.’

Is dat een bewuste keus?

‘Ja. Er komt nu veel geld vanuit het Rijk. We weten nog niet waar het goed landt en waar juist gaten vallen. Bovendien hebben we als provincie miljoenen beschikbaar, terwijl het Rijk miljarden in de economie pompt. Dus waar maak je dan specifiek het verschil? Wanneer we een scherper beeld hebben, kunnen we misschien concreet ergens een bijdrage op leveren.’

Tekenen er zich al contouren af van waar hulp nodig is?

‘In de culturele sector zie je dat de steun achterblijft, maar ook dan is stap één om te kijken of we dat dan bij het Rijk aanhangig kunnen maken.’

Krijgen jullie al wel hulpvragen?

‘Ja, met name vanuit de recreatieve sector, die in Overijssel erg groot is. De problemen zijn daar ook behoorlijk urgent. Wat ook veel wordt aangekaart is dat de verschillende veiligheidsregio’s uiteenlopende beperkingen opleggen. Dat zorgt voor veel vragen en onrust.’

Speelt de provincie een formele rol in de overleggen over de coronacrisis?

‘Eigenlijk niet. De provincie heeft wel overleg met de veiligheidsregio’s, maar het is echt aan hen en de gemeenten om het beleid te bepalen.’

Wat vind je er van dat de provincies op afstand blijven?

‘Je moet de mensen, die er verstand van hebben, hun werk laten doen in een crisis. Als provincie kunnen we echt wel iets doen, maar ons overal mee gaan bemoeien en iedereen alleen maar in de weg lopen, is geen goed idee. Dus we focussen ons nu op de rust bewaken, kijken waar de gaten vallen en daar eventueel op in springen. Het is wel tegennatuurlijk: je ziet mensen in de problemen komen en je wilt helpen, maar het moet wel meerwaarde bieden.’

Niet op de stoel van gemeenten gaan zitten

portret_olthof.jpgJeroen Olthof

Gedeputeerde in Noord-Holland

Hoe gaat het?

‘Nou, het is een beetje een vreemde periode voor mij. Ik ben pas 9 maart geïnstalleerd, heb een week normale afspraken gehad en daarna moest alles meteen digitaal.’

Een lastige vuurdoop! Draait de provincie nog wel door?

‘Ja, veel loopt door. Ook aanbestedingen en dergelijke. Bestuurlijk heb ik in ieder geval een overvolle agenda. Alles is er echt op gericht om de dagelijkse werkzaamheden door te laten gaan. Dat lukt niet altijd: mensen zitten ziek thuis, moeten voor zieke mensen in hun omgeving zorgen of geven thuis les aan hun kinderen die niet naar school kunnen. Dat maakt het natuurlijk lastiger.’

Hoe overleggen jullie?

‘In het begin zaten we nog wel bij elkaar, maar nu verlopen overleggen digitaal. Volgende week hebben we de eerste digitale commissievergadering.’

Bemoeit Noord-Holland zich met de coronacrisis?

‘Ja en nee. We zijn bijvoorbeeld concessiehouder in het openbaar vervoer. Daarbij worden we automatisch met de gevolgen van corona geconfronteerd. Ik heb zelf contact met vervoerders, met wie we inventariseren wat er nodig is. Ook zijn we bezig met het kijken naar loketten om ondernemers mee te helpen.’

Welke loketten bedoel je dan?

‘We hebben als provincie een aantal loketten en netwerken waarmee we mensen te woord kunnen staan of ze naar regelingen door kunnen verwijzen.’

Willen jullie ook financiële steun bieden?

‘Er zijn vanuit het Rijk en gemeenten al allerlei noodmaatregelen getroffen. We kijken nu wel wat onze rol op de middellange en lange termijn kan zijn. Met betrekking tot de economie en de maatschappelijke infrastructuur krijgen we al signalen binnen dat organisaties en bedrijven in de problemen komen.

Maar we willen niet op de stoel van gemeenten gaan zitten. Dus proberen we vooral gemeenten die weinig ambtelijke capaciteit hebben of financieel wat minder armslag hebben te ondersteunen. Dat kan met capaciteit, kennis of financiële regelingen.’

Wat kan je verder nog doen?

‘We zorgen ervoor dat de liquiditeitsstroom doorgaat. En er zijn al initiatieven aan het ontstaan om te verkennen hoe we na de crisis verdere ondersteuning kunnen bieden. Projecten, die we in de pijplijn hebben, kunnen we misschien naar voren halen om de economie weer een beetje op gang te helpen. Maar ad hoc allerlei dingen roepen, zie ik niet zitten.’

 

Afbeelding: Laurens van Putten | Hollandse Hoogte