Column
Energietoeslag op de tocht

De meningen over Rutte 4 zijn verdeeld. Misschien niet onder de onverminderd kritische kiezer, maar dan toch wel onder de commentaren. Zo gaf Xander van der Wulp deze week een soortement slotbeschouwing over het afgelopen jaar bij een van onze vele talkshows. De politiek duider van de NOS roemde de vele besluiten die waren genomen en kwam zowaar met de pensioenwet en het prijsplafond als lichtende voorbeelden.

Veel meer kon hij ook niet bedenken. En dat is gelet op de vele problemen die om oplossingen schreeuwen toch wel wat mager. Dit kabinet is vooral bedreven in het voor zich uitschuiven van problemen. En eerlijk is eerlijk: van alles wat je kunt zeggen over de kabinetten Rutte is dat vooruitschuiven wel degelijk een kwaliteit die je in al die jaren steeds terugziet. Of het nu gaat om de stikstofcrisis, de jeugdzorg, de aardbevingen, de toeslagenaffaire of de asielopvang: er is meer onderzoek nodig, we bedenken een halve maatregel, en laten vervolgens door de rechter zeggen dat het niet kan en ondermaats is.

Daar komt met de wet Energietoeslag 2023 nu weer een nieuwe loot bij. Nadat vorig jaar de energieprijzen door het dak vlogen, riep het kabinet in allerijl een energietoeslag voor mensen met een laag inkomen in het leven. Gemeenten moesten de toeslag gaan uitkeren en hebben dat met wisselend enthousiasme gedaan. De een voortvarend, de ander schoorvoetend. In sommige gemeenten kregen mensen met een inkomen tot 120% van het WML een uitkering (zoals het ministerie adviseerde), terwijl je in andere gemeenten met een inkomen tot 150% van het WML aanspraak kon maken op de toeslag.

Daarbij liep elke gemeente – ruimhartig of niet – tegen hetzelfde probleem aan. Hoe bereik je de juiste doelgroep? Mensen met een bijstandsuitkering zijn bij de gemeente bekend, maar bij werkenden met een laag inkomen ligt dat anders. Bij het adres van deze mensen staat natuurlijk niet vermeld ‘werkende arme’. Daarom hebben gemeenten het afgelopen jaar veel gedaan om deze mensen wel te bereiken. Van kraampjes op de markt, inloopspreekuren in buurthuizen, folders bij de huisartsen, energiecoaches en ga zo maar door. De laatste maanden ook steeds met de boodschap: wanneer u in 2022 recht op de energietoeslag had, dan is dat waarschijnlijk ook volgend jaar het geval. De energietoeslag is immers een belangrijk onderdeel van het ondersteuningspakket van Rutte en Kaag en wordt in 2023 doorgezet.

Maar dan komt nu de kink in de kabel. De wet, die dit moet regelen, ligt nu ter advies bij de Raad van State. En omdat de nieuwe wet pas later dit jaar in werking treedt, is het op dit moment onduidelijk wanneer de energietoeslag kan worden uitgekeerd. Mogen gemeenten vooruitlopend op de invoering de wet alvast gaan uitvoeren? Inwoners rekenen erop en ambtelijke organisaties staan in de startblokken. Maar nee, dit lijkt niet te mogen. Wel kun je, om het geheel ingewikkelder te maken, nu alvast € 500 uitkeren (omdat dit valt binnen de decembercirculaire van 2022). Maar dan wordt de energietoeslag 2023 € 800 en geen € 1300.

Probeer dit een inwoner maar eens uit te leggen. Dat is niet te doen. Net als Rutte hebben gemeenten dus meer tijd nodig om uit te zoeken hoe het precies zit. Alleen kunnen mensen daar niet op wachten. Die hebben behoefte aan gemeenten, die buiten de lijntjes kleuren en gaan doen wat het goede is. En die gemeenten kunnen op hun beurt wel wat steun gebruiken van Kamerleden, die de regering tot de orde roepen en manen om zo snel mogelijk met een oplossing te komen. Wat dat betreft zijn de verwachtingen voor onze eigen Kamerleden hooggespannen. Met het energieplafond is het immers ook gelukt.


Afbeelding: Berlinda van Dam | ANP